Inhoud Bedradingsschema's Sectie: Complete motor Alle secties

Functie: activering Peugeot 208 I

Complete motor ~ 445 woorden

Principeschema

Sleutel: "a" elektrische aansluiting

merktekenbeschrijvingaanduiding in elektrisch schema's
(1)elektronische eenheid motor1320
(2)bobines1131, 1132, 1133
(3)Bougies-
(4)pingelsensor1120
(5)cilindersensoren1116
(6)motortoerentalsensor1313

Ontstekingsprincipe

De ontsteking bestaat uit het in gang zetten en houden van de ontsteking van het lucht/brandstofmengsel dat is aangezogen door de zuigers in de cilinders van de motor

Het lucht/brandstofmengsel wordt ontstoken door de vonk van de bougies

De verbranding van het lucht/brandstofmengsel heeft een concentrisch verloop, men moet daarom een ontstekingsvervroeging toepassen die afhankelijk is van de duur van de verbranding

Principe van de ontstekingsvervroeging

Door het vervroegen van de ontsteking tot voordat de zuiger het bovenste dode punt (BDP) bereikt, is de uitgeoefende druk op de zuiger maximaal als deze het BDP passeert

Het interval in krukasgraden tussen het moment waarop de ontsteking plaatsvindt en het bovenste dode punt (BDP) is de ontstekingsvervroeging

De berekening van de ontstekingsvervroeging is afhankelijk van de volgende parameters

  • Motortoerental
  • Informatie pingelen
  • Positie van de krukas
  • Lucht/brandstofverhouding (lambda)
  • Stand van de verstelmechanismen van de inlaat- en uitlaatnokkenas

De berekening van de ontstekingsvervroeging is gebaseerd op een model met 5 referentievelden voor de uiterste standen van de verstelmechanismen van de inlaat- en uitlaatnokkenas

(1) referentieveld van de betreffende elektronische eenheid 1

(2) referentieveld van de betreffende elektronische eenheid 2

(3) referentieveld van de betreffende elektronische eenheid 3

(4) referentieveld van de betreffende elektronische eenheid 4

(5) referentieveld van de betreffende elektronische eenheid 5

"A" hoek verstelmechanisme uitlaatnokkenas

"B" hoek verstelmechanisme inlaatnokkenas

"b" stand van de verstelmechanismen van de nokkenassen

De elektronische eenheid motor kent de vervroegingswaarden voor deze 5 referentievelden

Voorbeeld: als de verstelmechanismen van de nokkenassen in de stand "b" staan, bepaalt de elektronische eenheid de waarde van de ontstekingsvervroeging door middel van lineaire interpolatie

Elektronische eenheid motor

De vermogens- en bedieningsfases van de bobines zijn geïntegreerd in de elektronische eenheid motor (geen externe ontstekingsmoduul aanwezig)

De elektronische eenheid motor stuurt in volgorde van ontsteking (1-3-2) de primaire circuits van de bobines aan

De synchronisatie van de ontsteking wordt gerealiseerd door de nokkenaspositiesensor

Verwarming van de katalysator

Om de katalysator sneller op bedrijfstemperatuur te brengen past de elektronische eenheid motor een regeling toe om de katalysator te verwarmen

Er zijn 2 regelingen voor het verwarmen van de katalysator, afhankelijk van de kilometerstand van de auto

Bij een auto met een kilometerstand lager dan 5000 km

  • Verhoog het toerental tot 850 t/min
  • Verminderen van de ontstekingsvervroeging met 2° (krukas)

Bij een auto met een kilometerstand hoger dan 5000 km

  • Verhoog het toerental tot 1100 t/min
  • Verminderen van de ontstekingsvervroeging met 2° (krukas)

De werkingsvoorwaarden zijn voor de 2 regelingen gelijk en zijn afhankelijk van de koelvloeistoftemperatuur

"C" koelvloeistoftemperatuur tijdens het starten (in °C)

"D" koelvloeistoftemperatuur na het starten (in °C)

"E" werkingsgebied van de regeling voor het verwarmen van de katalysator